Murchieona muldali (Omodea, 1956)
Engelse dwergworm
Kenmerken
De Engelse dwergworm bezit een witte of zeer licht roze voorste punt. Soms is een gele ring zichtbaar vooraan. De rest van het het lichaam is verder grauw. De lengte van deze soort is conform zijn naam. Volwassen exemplaren worden tussen de 3 en 5 cm lang en bezitten 84-106 segmenten. Het zadel (clitellum) is vaak gelijkaardig aan het lichaam gekleurd en is te vinden op ringen 27-33. Een tubercula pubertatis is afwezig. De kop is epiloob en de haren (setae) zijn gepaard.
Verspreiding en habitat
Zeer zeldzaam in België met een recente waarneming ten noordwesten van Antwerpen aan de grens met Nederland. Enkele oudere waarnemingen zijn afkomstig uit het zuiden van Wallonië. In Nederland is de soort twee maal gevonden in zeer vochtige zware klei langs grote rivieren gevonden.
Buyck et al. (2026)
Bronnen
Buyck E., De Smedt P., Sanczuk P., Bracke J., Cottyn C., Desie E., De Vos B., Lock K., Magr L., Moereels L., Muys B., Soors J., Dehon F., Schelfhout S. (2026). The Belgian Earthworm Atlas: Updating a national inventory of earthworm diversity since Bouché (1978). [Manuscript in voorbereiding].
Krediet A. (2020) De Nederlandse Regenwormen. Jeugdbondsuitgeverij