Dendrobaena attemsi (Michaelsen, 1901)

Bosspartelworm

Koen Lock

Kenmerken

De bosspartelworm heeft een rode voorkant en meestal een opvallende gele staartpunt. Waar witte vlekken op de flanken zichtbaar zijn, valt het zadel (clitellum) van bovenaf niet echt op. Vanonder gezien is dit clitellum gezwollen en heeft het een witte kleur. De rest van het lichaam is grijs.

De soort wordt niet groot (2,6 tot 7 cm lang) en bezit tussen de 125 en 145 segmenten. Het zadel (clitellum) beslaat segmenten (28)29-34 en het tubercula pubertatis is ovaalvormig op segmenten 30-32. De kop is epiloob en de haren (setae) zijn ongepaard.

Verspreiding en habitat

Aanwezig in Centraal- en Oost-Europa. Als exoot in de Verenigde staten en Canada.

In België zeer zeldzaam. Meeste waarnemingen uit West- en Oost-Vlaanderen. Alleen in bossen te vinden, waar het bovengronds in het strooisel en onder/in hout leeft. Deze soort prefereert (zeer) droge, zure plekken waar vochtig hout aanwezig is. Hieronder vallen zand- en veengronden. Toch kan de bosspartelworm ook in vochtigere bossen aangetroffen worden.

Buyck et al. (2026)

Bronnen

Buyck E., De Smedt P., Sanczuk P., Bracke J., Cottyn C., Desie E., De Vos B., Lock K., Magr L., Moereels L., Muys B., Soors J., Dehon F., Schelfhout S. (2026). The Belgian Earthworm Atlas: Updating a national inventory of earthworm diversity since Bouché (1978). [Manuscript in voorbereiding].

Krediet A. (2020) De Nederlandse Regenwormen. Jeugdbondsuitgeverij

Sims, R. W., & Gerard, B. M. (1999). Earthworms: Notes for the identification of British species. Linnean Society of London and the Estuarine and Coastal Sciences Association.